Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2010:BK8102

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 februari 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/00270
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 39 FaillissementswetArt. 67 FaillissementswetArt. 69 FaillissementswetArt. 81 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 15 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verzoek aan rechter-commissaris op grond van artikel 69 Faillissementswet

Groot Amer B.V. heeft op 11 december 2008 een verzoek ingediend bij de rechter-commissaris in de rechtbank Leeuwarden om de curatoren te bevelen een pand te ontruimen of haar toestemming te verlenen om de inventaris te verplaatsen. De curatoren verklaarden Groot Amer niet-ontvankelijk in dit verzoek. De rechter-commissaris bevestigde deze niet-ontvankelijkheid bij beschikking van 19 december 2008.

Groot Amer stelde hiertegen hoger beroep in bij de rechtbank Leeuwarden, die bij beschikking van 8 januari 2009 de beslissing van de rechter-commissaris bekrachtigde. Vervolgens stelde Groot Amer beroep in cassatie in tegen deze beschikking. De curatoren verschenen niet in het cassatieproces, en de Advocaat-Generaal adviseerde tot niet-ontvankelijkverklaring van Groot Amer in het cassatieberoep.

De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van Groot Amer niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee de niet-ontvankelijkheid van Groot Amer in haar verzoek aan de rechter-commissaris op grond van artikel 69 Faillissementswet Pro.

Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de niet-ontvankelijkheid van Groot Amer in haar verzoek aan de rechter-commissaris.

Uitspraak

19 februari 2010
Eerste Kamer
09/00270
DV/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
GROOT AMER B.V.,
gevestigd te Leeuwarden,
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
mrs. R.J.L. GUSTENHOVEN en R. BREMEN,
curatoren in het faillissement van VDS Groep B.V.,
gevestigd te Leeuwarden,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Groot Amer en de curatoren.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 11 december 2008 ingediend verzoekschrift heeft Groot Amer zich gewend tot de rechter-commissaris in de rechtbank Leeuwarden en verzocht, kort gezegd, om de curatoren te bevelen het pand gelegen aan de [a-straat 1] te [plaats] voor 1 januari 2009 te (laten) ontruimen, dan wel Groot Amer toestemming te verlenen voor haar eigen rekening de inventaris te (laten) verplaatsen.
De curatoren hebben geconcludeerd tot niet-ontvankelijkheid van Groot Amer in het verzoek.
De rechter-commissaris heeft bij beschikking van 19 december 2008 Groot Amer niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek.
Tegen deze beschikking heeft Groot Amer hoger beroep ingesteld bij de rechtbank Leeuwarden.
Na mondelinge behandeling heeft de rechtbank bij beschikking van 8 januari 2009 de beschikking van de rechter-commissaris bekrachtigd.
De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de rechtbank heeft Groot Amer beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen de curatoren is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van Groot Amer in haar cassatieberoep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.A.M. van Schendel op 19 februari 2010.