ECLI:NL:HR:2009:BK3574
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Internationale bevoegdheid en faillissementsverklaring vennootschap onder firma met activiteitenoverdracht en vennoten in andere lidstaat
De zaak betreft een verzoek tot faillietverklaring van een vennootschap onder firma (vof) waarvan de bedrijfsactiviteiten zijn overgedragen aan een onderneming in Polen, waar tevens de vennoten zijn gaan wonen en werken. De rechtbank ’s-Gravenhage verklaarde de vof failliet en benoemde een curator, hetgeen door het gerechtshof werd bekrachtigd. De vennoten stelden in cassatie dat de Nederlandse rechter niet bevoegd was vanwege de verhuizing en overdracht.
De Hoge Raad oordeelde dat de Nederlandse rechter op grond van art. 3 lid 1 van Pro de EU-Insolventieverordening internationaal bevoegd is zolang de vereffening van de vof niet is voltooid en het centrum van de voornaamste belangen in Nederland is gelegen. De enkele overdracht van bedrijfsactiviteiten en het feit dat de vennoten in Polen wonen, leidt niet tot het verplaatsen van het centrum van de voornaamste belangen.
Verder bevestigde de Hoge Raad dat het faillissement van een vof noodzakelijkerwijs het faillissement van de vennoten meebrengt, maar dat de gevolgen voor de vennoten beperkt zijn tot hun goederen in Nederland. De Hoge Raad verwierp de cassatieberoepen en bevestigde de eerdere uitspraken.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter en wijst het cassatieberoep af.