ECLI:NL:HR:2009:BH3188
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid cassatieberoep bij vervroegde onteigening en schadeloosstelling
De zaak betreft cassatieberoepen tegen vonnissen van de rechtbank Maastricht van 5 maart 2008, waarin vervroegde onteigening werd uitgesproken ten behoeve van het bestemmingsplan "Hoogveld" en de schadeloosstelling werd vastgesteld. De Gemeente Heerlen had eigenaren gedagvaard voor onteigening van verschillende percelen grond.
In cassatie werd onder meer de ontvankelijkheid van de beroepen van eiseres 2 en eiseres 4 aan de orde gesteld. De Hoge Raad oordeelde dat het niet betekenen van een tijdig afgelegde verklaring als bedoeld in art. 52 lid 3 Onteigeningswet Pro een vormverzuim is dat herstelbaar is indien tijdig is gedagvaard, zoals hier het geval was. De stelling van de Gemeente dat het cassatieberoep zich niet uitstrekt tot het vonnis 706 werd verworpen.
Ten aanzien van eiseres 4, die pachter was van de onteigende percelen maar niet als partij was gedagvaard, werd geoordeeld dat zij niet in cassatie kan opkomen tegen het vonnis tot vervroegde onteigening. Zij kan echter later als derde-belanghebbende deelnemen aan het geding tot vaststelling van de schadeloosstelling en een voorschot daarop verzoeken.
De Hoge Raad verklaarde eiseres 4 niet-ontvankelijk in haar cassatieberoep en verwierp het beroep voor het overige. Tevens werden de kosten van het cassatiegeding aan de zijde van de Gemeente toegewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaarde eiseres 4 niet-ontvankelijk en verwierp het cassatieberoep voor het overige.