ECLI:NL:HR:2001:ZC3690
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H.J. Mijnssen
- R. Herrmann
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geschil over advocaatdeclaraties en toepassing Wet tarieven in burgerlijke zaken
In deze zaak vordert eiseres, een advocatenmaatschap, betaling van onbetaalde declaraties van in totaal ƒ 5.985,44, vermeerderd met wettelijke rente en incassokosten, van Foundation Software B.V. Foundation betwist de vordering primair op grond van een geschil over de hoogte van de declaraties, zoals bedoeld in artikel 32 van Pro de Wet tarieven in burgerlijke zaken (WTBZ), en stelt subsidiair dat eiseres ernstig tekortgeschoten is in de uitvoering van haar opdracht.
De rechtbank besloot de zaak aan te houden om eiseres de gelegenheid te geven een begroting te laten opmaken door de Raad van Toezicht, waarna het geschil over de declaraties kan worden voortgezet. Het hof bekrachtigde dit oordeel en verwierp de grieven van eiseres dat de WTBZ niet van toepassing zou zijn en dat de slechte afloop van de zaak geen rol mag spelen bij de begroting.
De Hoge Raad oordeelt dat het geschil over de hoogte van de declaraties inderdaad onder de bijzondere procedure van de WTBZ valt, ook wanneer de matiging wordt betoogd vanwege de slechte afloop van de zaak. De Raad van Toezicht moet bij de begroting rekening houden met het belang en de moeilijkheid van de zaak, inclusief de uitkomst daarvan. Het beroep van eiseres wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de bijzondere procedure van de WTBZ is van toepassing op het geschil over de hoogte van de declaraties.