ECLI:NL:HR:1997:AA2069
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over waardering vervuilde woning voor inkomstenbelasting 1991
Belanghebbende kreeg voor 1991 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd die na bezwaar en beroep bij het Hof werd verminderd. Het Hof hield bij de waardering van de woning geen rekening met de vervuiling van de grond, omdat volgens het Hof de vervuiling niet bekend was in 1991. Ook werd een taxatie uit 1994 niet meegenomen.
De Hoge Raad oordeelt dat voor de waarde in het economische verkeer van de woning in 1991 juist moet worden uitgegaan van de toestand van de grond zoals die later is gebleken, ongeacht of die toen bekend was. Hierdoor faalt het oordeel van het Hof dat de vervuiling geen waardedrukkend effect heeft. Verder oordeelt de Hoge Raad dat het Hof ten onrechte niet heeft beslist over de aftrekbaarheid van kosten voor markiezen die mogelijk roerende zaken zijn.
Daarnaast wordt het oordeel van het Hof over aftrek van representatiekosten ten behoeve van universitaire activiteiten door de Hoge Raad verworpen, omdat die kosten wel onder de aftrekbeperking van de Wet vallen. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor hernieuwde behandeling met inachtneming van dit arrest. De Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling met inachtneming van dit arrest.