ECLI:NL:HR:1993:ZC0994
Hoge Raad
- Cassatie
- Snijders
- Roelvink
- Korthals Altes
- Neleman
- Nieuwenhuis
- Davids
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid na faillissement wegens kennelijk onbehoorlijke taakvervulling
De curator van het faillissement van [A] B.V. vorderde hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurders [verweerder] en [betrokkene 1] wegens kennelijk onbehoorlijke taakvervulling, onder meer vanwege niet-naleving van publicatieverplichtingen en administratieve tekortkomingen.
De rechtbank veroordeelde hen tot betaling van 75% van het tekort, waarbij het hof oordeelde dat het verzuim bij openbaarmaking van de jaarrekening onbelangrijk was en dat de administratie aan de wettelijke eisen voldeed. De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof dat het ontbreken van een formeel verlengingsbesluit voor het opmaken van de jaarrekening niet leidt tot een belangrijk verzuim, omdat crediteuren rekening moeten houden met een mogelijke verlenging.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat de administratie zodanig was ingericht dat een redelijk inzicht in de vermogenspositie mogelijk was, waarmee aan de eisen van de wet werd voldaan. Het beroep van de curator werd verworpen en de curator werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de curator wordt verworpen en de bestuurders worden niet verder aansprakelijk gehouden.