Uitspraak
[woonplaats].
Namens deze heeft Mr. G. Spong, advocaat te ’s-Gravenhage, het volgende middel van cassatie voorgesteld:
- dat de vervolgprocedure was, dat hij een tot stand gekomen principe-overeenkomst, met daarin opgenomen de verdeling van de uit te betalen witte en zwarte lonen, voorgelegde aan en toelichtte in de vergadering van de Commissie Betaald Voetbal, waarvan hij lid was en waarin hij een weliswaar adviserende, doch – gezien zijn positie – doorslaggevende stem had;
- dat daarop, bij een goedkeuring door het Bestuur Betaald Voetbal, in principe, een consultatieprocedure werd gestart met de overige bestuursleden, en waarna – meestal achteraf – een beslissing werd genomen;
- dat hij daarna deze beslissing uitvoerde;
- dat hij voorts als full-time manager de dagelijkse leiding had;
- dat hij het beheer had over de zwarte kas en tevens mede de zwarte lonen uitbetaalde;
- dat hij op de hoogte was van de verboden handelingen en begreep dat deze slechts dienden om te voorkomen dat de werknemers belasting over deze “zwarte” lonen moesten betalen;
- dat hij geen enkele maatregel heeft genomen ter voorkoming daarvan.
in de gemeente Kerkrade, opzettelijk de bij de belastingwet voorziene aangifte “LOONBELASTING EN PREMIE” doende aan de Inspecteur der Directe Belastingen te Kerkrade onjuist heeft aangegeven als “loon” TOTAAL,
onderscheidelijk over:
Bij beleidsmatige zaken, waaronder het aantrekken van spelers, kreeg ik in eerste instantie een seintje van de trainer. Vervolgens kreeg ik de opdracht van het bestuur om een speler te benaderen. Na onderhandelen ontstond er dan een prijs voor de desbetreffende speler. Door de voorzitter en de financiële man werd vervolgens bekeken of de betreffende speler en de prijs die voor hem betaald moest worden voor Roda acceptabel was. Daarna werd er over het al dan niet contracteren van die speler gestemd in het dagelijks bestuur. Tot slot werden de overige bestuursleden telefonisch benaderd, waarbij zij hun visie konden geven over het oordeel van het dagelijks bestuur. Na de afwikkeling van deze procedure kreeg ik van het bestuur de opdracht om de zaak verder af te handelen.
Ik wist in de meeste gevallen wel dat er naast de witte beloning losse bedragen zwart werden uitbetaald. Ik wist dat die zwarte betalingen buiten de boeken moesten blijven.
Roda wilde op een bepaald niveau voetballen. Het zwart geld systeem is een bekend gegeven binnen het betaalde voetbal. Ik had steeds toestemming van het bestuur om zwart geld uit te geven.
Ik heb een tijd land de zwarte kas beheerd. Daarvoor werd dat door [betrokkene 2] gedaan.
Het is mogelijk dat er f 1.500,-- per maand zwart werd uitbetaald aan [betrokkene 3] . Het bedrag werd door mij of door [betrokkene 2] uitbetaald.
De bedragen die door [betrokkene 4] op pagina 154 en 155 worden genoemd zijn juist. Het klopt dat ik bij uitbetalingen van gelden steeds kwitanties liet tekenen.
Ik erken dat er nadeel is geleden door de staat.
Voor het betalen van een zwart loon aan een speler was telkens de toestemming nodig van het bestuur van de afdeling betaald voetbal van Roda J.C.
Elke afspraak daaromtrent werd door het bestuur gefiatteerd.
Het Algemeen Bestuur van de vereniging bestond uit ongeveer 8 à 9 leden.
Een aantal lede daarvan zat ook in het Bestuur Betaald Voetbal, dat tevens optrad als het Dagelijks Bestuur en als de Commissie Betaald Voetbal. Deze commissie bestond uit de voorzitter, de secretaris en de penningmeester van de vereniging. Ik was in mijn functie als manager van Roda J.C. niet-stemgerechtigd bijzitter van de Commissie Betaald Voetbal. Ik was adviseur daarin.
Als volgens de commissie de club een nieuw speler of “trainer” nodig had, werd dit bepraat in het Dagelijks Bestuur.
Het Dagelijks Bestuur kreeg dan een voorstel van mij.
Ik kreeg dan toestemming om binnen een bepaald raam te onderhandelen.
Ik ging vervolgens in onderhandeling met de betrokken speler.
De speler hadden hoge eisen en wilden meestal een bepaald bedrag schoon in de hand hebben.
Als ik tot overeenstemming kwam met de speler ging ik met een uitgewerkt voorstel terug naar het Dagelijks Bestuur.
Dit voorstel legde ik dan als manager, tesamen met mijn advies voor aan dit bestuur. In het voorstel was dan opgenomen hoeveel een speler wit en hoeveel hij zwart wenste te ontvangen.
Dit kwam aldaar regelmatig aan de orde.
Vervolgens had ieder bestuurslid zijn stem over het voorstel.
Pas als het voorstel was goedgekeurd, werd er toestemming aan mij gegeven een overeenkomst met de speler aan te gaan.
Het is juist, dat handelingen als het verzwijgen van recettebaten, het niet volledig verantwoorden of te hoog boeken van transfersommen, enzovoorts, er op waren gericht om de aangiften omzetbelasting en loonbelasting onjuist te doen.
’s Rijksbelastingen, en [verbalisant 3] hoofdcontroleur van ’s Rijksbelastingen, werkzaam bij de fiscale recherche van de FIOD, tevens onbezoldigd ambtenaar van het Korps Rijkspolitie, gesloten en getekend te Heerlen op 15 september 1986 onder meer inhoudt
– zakelijk weergegeven -:
(p. 89-93)
Omstreeks 1980-1981 werden de inkomsten van de vereniging minder en stegen tegelijkertijd de lasten.
Roda J.C. was niet meer in staat om de netto-salariseisen van de spelers die men wilde aantrekken te financieren op een legale manier.
In het dagelijks bestuur werd daarop besloten de netto-salariseisen van meerdere spelers te voldoen door een deel van de betalingen zwart te verrichten, waardoor de loonbelasting en sociale lasten konden worden uitgespaard.
De leden van het dagelijks bestuur waren ikzelf, de voorzitter [betrokkene 5] en de sekretaris [betrokkene 6] .
De financiering van de zwarte betalingen zou gaan plaatsvinden in eerste aanleg door het niet volledig verantwoorden van de recette-ontvangsten.
Het was feitelijk zo dat de hoofdkassier, [betrokkene 1] van mij en van de manager [verdachte] opdracht kreeg om een door ons genoemd bedrag buiten de verantwoording te houden. Dat bedrag werd door [verdachte] en mij samen bepaald aan de hand van de ontvangen recettes.
Ik beheerde tot ongeveer twee jaar geleden de zwarte kas, die gevoed werd uit verzwegen recettes en die uitgaven in de sfeer van zwarte loonbelastingen en dergelijke meebracht.
Twee jaar geleden ben ik hier mee gestopt en heb het resterende kassaldo afgedragen aan de . manager [verdachte] .
De zwarte lonen aan de spelers en de trainers en degelijke personeelsleden, betaalde ik persoonlijk maandelijks uit. Ik ontving die mensen dan in mijn kamer op het sportpark en betaalde het zwarte gedeelte in kontanten uit. Ik liet iedereen een kwitantie tekenen.
Sinds twee jaar geleden wordt dit allemaal geregeld door de manager [verdachte] . Die beheert ook de zwarte kas sindsdien. De kontraktbesprekingen met spelers werden steeds door [verdachte] gedaan. Die kwam dan met een afgerond voorstel bij het bestuur, waarin hij dan een bepaalde verdeling wit ten opzichte van zwart voorstelde.
Zwarte lonen werden door mij betaald aan de navolgende personeelsleden van Roda J.C.:
[verbalisant 5] , hoofdcontroleur van ’s Rijksbelastingen, [verbalisant 6] , adjunct-accountant bij de Rijksaccountantsdienst en [verbalisant 7] , hoofdcontroleur A van ’s Rijksbelastingen, werkzaam bij de FIOD, tevens onbezoldigd ambtenaar van het Korps Rijkspolitie, afgelegde verklaring van [betrokkene 6] :
(p. 94-98)
in die funktie maakte ik van de bestuursvergaderingen en de vergadering van het dagelijks bestuur steeds de verslagen van hetgeen er in die vergaderingen besproken werd. Het dagelijks bestuur bestond uit voorzitter, sekretaris en eerste en tweede penningmeester. U vraagt mij of ik er weet van heb dat er aan spelers en/of andere medewerkers van S.V. Roda J.C. “zwarte” lonen werden uitbetaald en of er tijdens de bestuursvergaderingen of dagelijks bestuursvergaderingen over dergelijke betalingen werd gesproken dan wel beslissingen werden genomen.
In het bestuur is vaker gepraat over de eisen van spelers en daarbij werd dan gezegd met die of die speler kunnen we niet rondkomen als wij niet wat extra’s doen. Met dat extra werd dan een betaling bedoeld die niet in onze administratie zou worden verantwoord.
Binnen het bestuur werd vaker besloten aan diverse spelers “zwarte” betalingen te doen.
Ik geef toe dat wij aan spelers extra betalingen zijn gaan verrichten, welke wij zowel buiten de boekhouding alsook buiten de loonadministratie hebben gehouden.
Door zo te handelen bespaarden wij ons immers de loonbelasting en sociale premies over deze “zwarte” loonbetalingen.
Met de daadwerkelijke uitbetaling van deze extra betalingen heb ik nimmer bemoeienis gehad, zulks werd geregeld door de heren [betrokkene 2] en [verdachte] .
Ik besef dat wij als bestuur van de voetbalvereniging Roda J.C. door het betalen van “zwarte” loongedeelten onjuiste, met name te lage aangiften loonbelasting en premie hebben gedaan over de afgelopen jaren en dat door deze handelwijze de Staat der Nederlanden werd benadeeld.
Ik hoorde van gesprekken tussen [verdachte] en mijn medebestuurders [betrokkene 2] en [betrokkene 6] , waarbij afrekening aan de orde waren aangaande de zwarte kas.
Ten aanzien van de te ondertekenen kontrakten met aangetrokken spelers kan ik u verklaren dat die helemaal werden voorbereid door de manager.
Hij kwam dan in het bestuur en vertelde ons de voorwaarden. Ik moest dan veelal twee kontrakten tekenen, het K.N.V.B. – kontrakt en een tweede. Ik begreep steeds van de manager dat het tweede kontrakt betrekking had op allerlei vergoedingen in de onkostensfeer.”
Ik stond voor de keuze tussen mijn overheidsbaan en een full-time aanstelling bij Roda J.C. .
Op dat laatste drong het bestuur van de vereniging aan omdat de organisatie tengevolge van de promotie zodanig gegroeid was, dat men een full-time manager zou willen hebben.
Vanuit mijn liefde voor het voetballen, heb ik toen gekozen voor het opgeven van mijn vaste overheidsbaan ten gunste van de managersfunktie bij Roda J.C..
Ik schat dat over de jaren 1980 tot en met 1985, tot heden, door Roda J.C. tussen de f 350.000,-- en
f 425.000,-- werd betaald aan zwarte lonen aan spelers en trainers.
De door mij genoemde getallen leid ik af uit de som van de mij bekende zwarte inkomsten van de vereniging, rekening houdend met het vaststaande gegeven dat er op dit moment geen saldo meer is in de zwarte kas.
Die niet in de boekhouding van de vereniging verantwoorde inkomsten van de vereniging waren:
- naar ik schat gemiddeld per jaar f 30.000,-- uit diverse bronnen zoals nevenverkopen in het stadion, verkoop programmaboekjes, kantine-opbrengsten en niet volledig verantwoorde recette-baten.
(p. 124-125)
De onderhandelingen werden gevoerd door manager [verdachte] en die legde de onderhandelingsresultaten voor aan het bestuur betaald voetbal ter goedkeuring. Bij die gelegenheden legde hij steeds uit hoe de verdeling zwart-wit zou moeten zijn.
Ik weet dat de volgende trainer en speler zwart betaald kregen:
- [betrokkene 3] en [betrokkene 8] .
- als op 15 juli 1985 tegenover de verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 3] , voornoemd, afgelegde verklaring van [verdachte]
(p. 143-144)
Ik kan u verklaren dat de afgesloten overeenkomsten met spelers en trainers door mij werden voorbereid en eerst nadat ik een principeovereenkomst bereikt had met een speler of trainer legde ik een uitgewerkt voorstel ter goedkeuring voor aan het bestuur van de sectie betaald voetbal. Eerst na fiattering van de principe-overeenkomst door dat bestuur stelde ik een concept overeenkomst op.
Ik verklaarde nadrukkelijjk dat de fiattering door het bestuur betaald voetbal ook betrekking had op het zwarte gedeelte van de overeengekomen arbeidsbeloning.
Omdat ik persoonlijk de zwarte betalingen regelde en na fiattering ook meestal zorgde voor de uitbetalingen van die gelden, wist ik uiteraard dat de door de penningmeester ingevulde aangiften loonbelasting van Roda J.C. onjuist waren. Ook de penningmeester en diens medebestuurders van de sectie betaald voetbal waren daarvan op de hoogte omdat zij allen wisten van en toestemming gegeven hadden voor die zwarte betalingen.
Ik kan u verklaren dat ik de kontraktbesprekingen heb gevoerd samen met mijn adviseur [betrokkene 11] .
Als resultaat van de besprekingen met de manager [verdachte] van Roda J.C. heb ik een tweejarige overeenkomst gesloten, waarbij twee kontrakten werden opgemaakt.
Het ene had betrekking op mijn normale salaris, premies en onkostenvergoedingen en het tweede had betrekking op een bedrag van f. 1.500,-- per maand netto, dat wil zeggen ik had begrepen dat Roda J.C. zorg zou dragen voor het afdragen van alle lasten daarover.
Ook bedoelde f. 1.500,-- per maand heb ik ontvangen tot en met 30-6-1985, en wel telkens van [verdachte] , de manager van Roda J.C. Ik moest elke keer een kwitantie tekenen voor dat bedrag.
(p. 149)
Daarop heb ik in de onderhandeling over mijn kontrakt beginnende in het seizoen 1981/1982 voorgesteld ook een deel van mijn salaris buiten de boeken van Roda J.C. om te ontvangen. Daarop werd door de manager [verdachte] ingegaan.
Sindsdien verdiende ik een deel van mijn salaris zwart bij Roda J.C.
Aan de zwarte betalingen is ingaande de maand december 1984 een einde gekomen.
Gevraagd naar het hoeveel aan zwarte betalingen, kan ik u alleen maar met zekerheid iets zeggen over de seizoenen 1983/1984 en 1984/85. Ik tekende een tweejarig kontrakt, waarbij mondeling werd overeengekomen een maandelijkse betaling van f. 350,-- zwart.
Het zwarte deel van mijn salaris kreeg ik op vaak onregelmatige tijdstippen in kontanten uitbetaald door de manager [verdachte] , die mij telkens een kwitantie liet tekenen. Hij verzekerde mij dat ik door het tekenen van die kwitanties geen enkel risico liep en dat de betalingen zeker buiten de boeken van Roda zouden blijven.”
(p. 154-155)
Op basis van dat uitgangspunt ben ik de onderhandelingen met Roda J.C. ingegaan.
Daarop werd mij door de manager van Roda J.C., [verdachte] , een tweeledig kontrakt voorgelegd, het ene betreffende het normale basisloon, de premies, het vakantiegeld en de onkostenvergoedingen en het andere betreffende een netto betaling van f. 15.000,-- per jaar. Ik begreep dat die nettobetaling zwart zou plaatsvinden.
Ik tekende een driejarig kontrakt op basis van basissalaris f. 50.000,-- plus premies geschat op
f. 16.000,--, te vermeerderen met zwart per jaar f. 15.000,--.
Na afloop van de hiervoor bedoelde overeenkomst werd mijn kontrakt verlengd met twee jaar, waarbij een tweede overeenkomst, nu inhoudende f. 18.000,-- per jaar netto-zwart.
Het zwarte deel van het salaris ontving ik steeds van [verdachte] in kontanten tegen een te tekenen kwitantie.
Ik ben volledig betaald geworden tot en met oktober 1984.
als op 30 oktober 1985 tegenover de verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] , voornoemd, afgelegde verklaring van [betrokkene 6] , voornoemd:
(p. 231-233)
- op de eerste plaats funktioneerde het Algemeen Bestuur
- daarnaast funktioneerde het Dagelijks Bestuur, bestaande uit de voorzitter, de penningmeester en de sekretaris
- terwijl de aangelegenheden betaald voetbal werden afgehandeld door de commissie betaald voetbal, bestaande uit het dagelijks bestuur aangevuld met de manager en de heer [betrokkene 1] .
Ik verklaarde u reeds dat ik wist van het bestaan van een zwart geld circuit bij Roda J.C.
Aan de uitgavenkant bestond dit circuit uit de betaalde zwarte lonen aan spelers en trainers en eventuele andere werknemers van Roda J.C.
De gang van zaken was altijd zo dat de manager [verdachte] de voorbesprekingen voerde met de werknemer wiens contract verlengd moest worden of die aangetrokken zou gaan worden.
Na afloop kwam [verdachte] met een uitgewerkt voorstel, waarin regelmatig opgenomen een verdeling van de salarispost in een wit gedeelte en een zwart gedeelte. Nadat de commissie betaald voetbal daarover een oordeel had gevormd, werden de overige bestuursleden steeds op de hoogte gesteld en om toestemming gevraagd voor het aangaan van de voorgestelde verbintenis waarbij steeds werd aangegeven de totaliteit van de vergoedingen onder vermelding van het zwarte gedeelte. Nadat het volledige bestuur toestemming had gegeven werd de overeenkomst aangegaan. In de meeste gevallen heb ik persoonlijk de overige bestuursleden telefonisch op de hoogte gesteld en om hun instemming gevraagd.
(p. 241-242)
Ik moet u verklaren dat de gang van zaken veelal zo was dat ik persoonlijk de zaak aanvoelde als voor het blok gezet worden omdat de manager voor zichzelf als enige inzicht claimde in de technische zaken.
Ik stemde vaak tegen heug en meug in met de op tafel liggende voorstellen, waarin dan ook opgenomen was een gedeeltelijke zwarte vergoeding.
Het gedeeltelijk zwart betalen was enerzijds soms een gevolg van eisen van spelers en anderzijds een gevolg van de onmogelijkheid aan de netto-salaris- eisen tegemoet te komen gezien de financiële mogelijkheden van Roda J.C.
Ook dien ik u te verklaren dat de overige leden van het Algemeen Bestuur, niet lid van de commissie betaald voetbal, over die zwarte beloningen vaak alleen werden ingelicht als op de AB vergadering daaromtrent vragen werden gesteld.
Dan was het kontrakt meestal al gesloten en was er weinig meer aan te doen.
Ik erken dat tengevolge van het uitbetalen van zwarte vergoedingen aan werknemers de aangiften loonbelasting van Roda J.C. onjuist werden gedaan.
Dat gebeurde feitelijk door de penningmeester [betrokkene 2] , maar dat was alleen een gevolg van de taakverdeling binnen het bestuur. De verantwoordelijkheid daarvoor beruste uiteraard bij het hele bestuur en gezien de gang van zaken, voornamelijk bij de commissie betaald voetbal.
Uitdrukkelijk verklaar ik dat die aangiften alleen maar door [betrokkene 2] werden ingevuld in het kader van de interne taakverdeling, en dat het bestuur van de vereniging hem daartoe opdracht dan wel machtiging heeft gegeven.
In elk geval de leden van de commissie betaald voetbal waren op de hoogte van de uitbetaalde zwarte lonen en derhalve van het feit dat opzettelijk onjuiste aangiften loonbelasting werden gedaan.
Die laatsten werden veelal alleen maar ingelicht omtrent zaken het zwarte geld aangaande als men daarom expliciet vroeg. Ik realiseer mij dat door het betalen van zwart loon en doordat de door mij ingediende aangiften loonbelasting gebaseerd werden op de loonadministratie waarin de zwarte lonen uiteraard niet waren opgenomen, die aangiften loonbelasting alleen opzettelijk onjuist werden gedaan.
januari, februari, maart, april, mei, juni, juli, augustus, september, oktober, november en december 1984, bijlagen nummers 32A/AW bij dit proces-verbaal).
Al de door u getoonde aangiften heb ik ingevuld aan de hand van de loonadministratie, waarin de zwarte beloningen aan werknemers van Roda J.C. niet waren opgenomen. Omdat ik weet dat gedurende de maanden waarop de getoonde aangiften betrekking hebben zwarte lonen werden uitbetaald, dan wel waren toegezegd, weet ik dat al die aangiften opzettelijk onjuist zijn ingevuld. Ik verklaarde reeds dat ik dat deed in het kader van de taakverdeling binnen het bestuur op basis van besluiten genomen door primair de commissie betaald voetbal.
De door u getoonde aangiften loonbelasting heb ik alleen persoonlijk per post opgestuurd aan de inspecteur der direkte belastingen te Kerkrade en wel telkens binnen de daarvoor gestelde termijn, dat wil zeggen binnen een maand na afloop van het tijdvak.
[verdachte]voornoemd:
In dat verband voerde ik ook de onderhandelingen met andere voetbalorganisaties aangaande aan- en verkopen van spelers. Alle door mij overeengekomen principe-overeenkomsten dienaangaande werden voorgelegd en toegelicht aan het Bestuur Betaald Voetbal, welke bestuur samen met de overige bestuursleden beslissingsbevoegd was.
Zo werden recettebaten verzwegen, transfersommen niet volledig verantwoord dan wel te hoog geboekt, giften van supportersclub buiten de boeken gehouden, een kwijtgescholden lening als betaald verantwoord, niet betaalde of te hoog opgevoerde fakturen geboekt en incidenteel vergoedingen voor vriendschappelijke wedstrijden in de zwarte kas gestort.
Ik realiseerde mij dat tengevolge van de handelwijze als beschreven belastingaangiften onjuist werden gedaan, met name de aangiften omzetbelasting en loonbelasting van Roda J.C.
(p. 275/276)
He onderzoek werd ingesteld aan de hand van:
- de verklaringen van de werknemers van Roda J.C.
- de door Roda J.C. opgemaakte en aan de inspekteur der direkte belastingen gezonden verzamelloonstaten over de jaren 1980 tot en met 1984
- de door Roda J.C. gedane aangiften loonbelasting over de maanden december 1980 tot en met december 1984.
De volgens de loonboekhouding uitbetaalde lonen sloten aan bij de uitbetaalde lonen volgens de verzamelloonstaten en deze sloten op hun beurt aan bij de aangiften loonbelasting.
Uit het vorengerelateerde blijkt dat de aan de diverse werknemers van Roda J.C. op grond van een overeenkomst buiten het officiële contract om betaalde extra vergoedingen niet zijn begrepen in de lonen volgens de aangiften loonbelasting.
(p. 800-801)
-zakelijk weergegeven-:
(p. 829-833)
21 januari 1992.