Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
Aan belanghebbende is een vergoeding voor proceskosten in beroep en een vergoeding van griffierecht toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente bij niet tijdige betaling.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de redelijke termijn voor de berechting van het geschil is overschreden met ongeveer 10 maanden. De rechtbank heeft de omvang van de door belanghebbende verzochte vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn bepaald op € 50 per (gedeelte van een) halfjaar waarmee de redelijke termijn is overschreden en in dit geval vastgesteld op in totaal € 100, waarvan de heffingsambtenaar 6/10 dient te betalen (€ 60) en de minister het overige deel (€ 40).
3.Geschil en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
- vernietigt de uitspraak op bezwaar van 25 januari 2025;
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie
www.hogeraad.nl).