Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
verklaartde hoger beroepen ongegrond en bevestigt de uitspraak van de Rechtbank.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende, die in de periode 2010-2012 een bijstandsuitkering ontving en als onbezoldigd secretaris betrokken was bij een vereniging zonder ANBI-status, vulde tegen vergoeding belastingaangiften in voor derden. De Inspecteur stelde na onderzoek vast dat belanghebbende inkomsten uit deze werkzaamheden niet had opgegeven en legde navorderingsaanslagen en boetes op.
De Rechtbank had de boetes verminderd, maar de navorderingsaanslagen en overige beschikkingen gehandhaafd. Belanghebbende stelde dat hij de werkzaamheden voor de vereniging verrichtte en dat de inkomsten aan de vereniging ten goede kwamen. Het Hof oordeelde dat deze stelling niet aannemelijk was en dat belanghebbende zich bewust moest zijn van de onjuistheden in zijn aangiften.
Het Hof bevestigde de navorderingsaanslagen en boetes, achtte de schatting van de Inspecteur redelijk en wees het beroep van belanghebbende af. Er werd geen vergoeding van griffierecht of proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het Hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de navorderingsaanslagen en boetes tegen belanghebbende.