ECLI:NL:GHSHE:2015:428
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling adequate verzekering werkgever na verkeersongeval werknemer in automobielbranche
In deze civiele procedure gaat het om de vraag of [appellante], een autobedrijf, op 22 juli 1998 een adequate verzekering had moeten afsluiten voor haar werknemers, waaronder [geïntimeerde], die een verkeersongeval kreeg. Het geschil betreft de omvang van de verzekeringsplicht en de vraag of de afgesloten pakketpolis van Bovemij voldeed aan de vereisten van een behoorlijke verzekering.
Het hof heeft vastgesteld dat de afgesloten pakketpolis diverse modules bevatte, waaronder een module voor schade inzittenden met een relatief laag verzekerd bedrag en een ongevallenverzekering met een maximale uitkering van fl.60.000,-. Partijen verschillen van mening over de gebruikelijkheid en adequaatheid van deze verzekering en over de mogelijkheid en wenselijkheid van het afsluiten van een Schadeverzekering Inzittenden (SVI).
Het hof overweegt dat de maatschappelijke opvattingen en verzekeringsmogelijkheden in 1998 bepalend zijn voor de beoordeling, waarbij ook cao-bepalingen over veiligheid en ongevallenverzekering relevant zijn. Omdat de feiten en stellingen onvoldoende duidelijkheid verschaffen, benoemt het hof een deskundige die uitgebreid onderzoek zal doen naar de verzekeringsmogelijkheden, de gebruikelijkheid binnen de branche, en de hoogte van de verzekerde sommen. Partijen krijgen gelegenheid zich uit te laten over de vragen aan de deskundige. De zaak wordt aangehouden voor verdere beslissing.
Uitkomst: Het hof benoemt een deskundige voor nader onderzoek en houdt verdere beslissing aan.