ECLI:NL:GHSHE:2012:BY7144
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.C.A.M. Claassens
- J.H.M. Westenbroek
- R.M. Peters
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens feitelijke aanranding eerbaarheid en bezit kinderporno via internet
De verdachte, een volwassen man, zocht via internet contact met minderjarige meisjes en deed zich voor als een 18-jarig meisje om hen te bewegen seksuele handelingen voor de webcam te verrichten. Hij maakte heimelijk opnames en gebruikte deze om de meisjes te bedreigen met verspreiding van de beelden indien zij niet aan zijn eisen voldeden.
Het hof onderscheidde twee fasen: een fase van misleiding en een fase van daadwerkelijke dwang. Het hof oordeelde dat misleiding niet gelijkstaat aan dwingen in de zin van artikel 246 Sr Pro, waardoor verdachte partieel werd vrijgesproken voor de periode vóór 1 juni 2010. Voor de periode daarna werd bewezen verklaard dat verdachte door bedreiging met feitelijkheden de meisjes [A] en [B] dwong tot ontuchtige handelingen. Ten aanzien van [C] werd vrijspraak gegeven wegens gebrek aan bewijs dat dwang heeft geleid tot ontuchtige handelingen.
Daarnaast werd bewezen verklaard dat verdachte opzettelijk kinderpornografisch materiaal bezat, vervaardigde en verspreidde. De straf werd bepaald op 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 24 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van vier jaar en bijzondere voorwaarden waaronder reclasseringstoezicht en behandeling. Tevens werd een taakstraf van 240 uur opgelegd. De verdachte werd veroordeeld tot schadevergoeding van €500 aan een benadeelde partij. Het hof bepaalde ook de onttrekking aan het verkeer van kinderporno bevattende harde schijven en gelastte teruggave van andere in beslag genomen goederen.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf waarvan 24 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden en een taakstraf van 240 uur.