ECLI:NL:GHDHA:2025:1375
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep niet-tijdig beslissen parkeerbelasting naheffingsaanslagen
Belanghebbende is geconfronteerd met twee naheffingsaanslagen parkeerbelasting van €69,10 per stuk, opgelegd door de Heffingsambtenaar van de gemeente Rotterdam. Na het indienen van bezwaarschriften verklaarde de Heffingsambtenaar deze ongegrond en handhaafde de aanslagen. Belanghebbende stelde de Heffingsambtenaar in gebreke wegens het uitblijven van uitspraken en diende dwangsomverzoeken in. Vervolgens stelde belanghebbende beroep in wegens niet-tijdig beslissen, maar de Rechtbank verklaarde deze beroepen niet-ontvankelijk.
In hoger beroep stond centraal of de uitspraken op bezwaar tijdig en op juiste wijze aan de gemachtigde van belanghebbende waren bekendgemaakt. Het hof oordeelde dat de uitspraken op bezwaar op 18 november 2022 per post waren verzonden naar het privéadres van de gemachtigde. Dit rechtvaardigt het vermoeden van ontvangst, dat belanghebbende onvoldoende heeft betwist. Hoewel de verzending niet strikt volgens de voorgeschreven wijze was (niet naar het kantooradres), is aan de strekking van de regels voldaan omdat de gemachtigde de uitspraken heeft ontvangen en dus bekend was met de inhoud.
Daarmee zijn de ingebrekestellingen, dwangsomverzoeken en beroepen wegens niet-tijdig beslissen niet-ontvankelijk, omdat de beslissing op bezwaar tijdig is genomen en bekendgemaakt. Het hoger beroep is ongegrond verklaard, de uitspraak van de Rechtbank wordt bevestigd, en er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beroepen wegens niet-tijdig beslissen zijn niet-ontvankelijk omdat de uitspraken op bezwaar tijdig en aannemelijk zijn verzonden.