Uitspraak
Verzoek om schadevergoeding
Proceskosten
- verklaart het hoger beroep in zaak 20/3465 PW niet-ontvankelijk;
- bevestigt de aangevallen uitspraak voor het overige;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft meerdere keren bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van griffierecht in verschillende procedures, welke door het dagelijks bestuur zijn afgewezen omdat geen sprake was van bijzondere noodzakelijke kosten. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, waarop het dagelijks bestuur de bezwaren niet-ontvankelijk verklaarde. Vervolgens stelde appellant beroep in tegen het niet tijdig nemen van besluiten op zijn bezwaarschriften.
De rechtbank verklaarde deze beroepen niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang, omdat de kosten waarvoor bijzondere bijstand werd gevraagd niet zijn gemaakt of niet meer gemaakt zullen worden, onder meer doordat appellant in onderliggende procedures is vrijgesteld van griffierecht of het beroep op betalingsonmacht is gehonoreerd. De rechtbank stelde ook vast dat het dagelijks bestuur al reële besluiten had genomen.
De Centrale Raad van Beroep volgt het oordeel van de rechtbank dat de beroepen niet-ontvankelijk zijn, maar verbetert de gronden. De Raad benadrukt dat het enkele feit dat het beroep op betalingsonmacht op voorhand is gehonoreerd niet betekent dat appellant het nagestreefde resultaat niet meer kan bereiken, omdat de rechtbank dit nog definitief kan afwijzen. Echter, omdat het dagelijks bestuur al reële besluiten heeft genomen voordat appellant beroep instelde, is er geen procesbelang meer.
In één zaak (20/3465 PW) wordt vastgesteld dat appellant misbruik van recht heeft gemaakt door de bevoegdheid tot aanvraag bijzondere bijstand en het instellen van bezwaar en beroep te gebruiken zonder redelijk doel. Het hoger beroep in deze zaak wordt niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeken om schadevergoeding en proceskosten worden afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang en misbruik van recht; de eerdere uitspraken van de rechtbank worden bevestigd.