Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.DSW Zorgverzekeraar U.A.en
O.W.M. Stad Holland Zorgverzekeraar U.A.,
1.Stichting (Huid)kliniek Zuid,
[geïntimeerde 1]en
[geïntimeerde 2],
kennelijkejuridische of feitelijke misslag.
Gerechtshof Den Haag
In deze civiele procedure vordert zorgverzekeraar DSW samen met SH de terugbetaling van declaraties die zij onverschuldigd aan kliniek HKZ heeft vergoed. DSW stelt dat HKZ frauduleus cosmetische behandelingen heeft gedeclareerd als verzekerde zorg, terwijl deze niet voor vergoeding in aanmerking komen. HKZ verzet zich tegen deze beschuldigingen en vordert betaling van openstaande bedragen.
De rechtbank Rotterdam wees de vorderingen van DSW af en veroordeelde DSW tot betaling aan HKZ, waarbij de vonnissen uitvoerbaar bij voorraad werden verklaard. DSW stelde daarop schorsing van de tenuitvoerlegging van het eindvonnis in hoger beroep. Het hof toetste de belangenafweging en oordeelde dat het restitutierisico voor DSW zwaarder weegt dan het belang van HKZ bij onmiddellijke uitvoering, mede omdat de rechtbank het fraudeverweer onvoldoende aannemelijk achtte en DSW onvoldoende zekerheid heeft voor verhaal van haar vorderingen.
Het hof schorstte daarom de tenuitvoerlegging van het vonnis totdat het hof in hoger beroep een eindarrest heeft gewezen. De zaak werd verwezen naar de rol voor memorie van grieven. De beslissing over de kosten van het incident werd aangehouden tot de einduitspraak.
Uitkomst: De tenuitvoerlegging van het vonnis van 22 juli 2015 wordt geschorst tot het hof eindarrest heeft gewezen.