ECLI:NL:HR:2000:AA5169
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Mijnssen
- Heemskerk
- Jansen
- De Savornin Lohman
- Kop
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt hoofdelijkheid in kostenveroordeling tussen Riva en Oracle
In deze civiele procedure vordert Riva betaling van een openstaand bedrag en proceskosten van Oracle en [verweerder], directeur en aandeelhouder van Oracle. De rechtbank veroordeelde Oracle tot betaling, waarna het Hof het vonnis bekrachtigde en Oracle en [verweerder] veroordeelde in de proceskosten van het hoger beroep.
[Verweerder] stelt cassatie in tegen het deel van het arrest waarin hij mede wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten. Riva verzoekt om uitvoerbaarverklaring bij voorraad van dit deel van het arrest, omdat de procedure al lang loopt en zij niet wil wachten tot onherroepelijkheid.
De Hoge Raad overweegt dat de hoofdelijkheid van de kostenveroordeling inhoudt dat Riva vrij kan kiezen van wie zij nakoming verlangt, waardoor het belang van [verweerder] om niet te betalen onvoldoende zwaarwegend is. Ook de conservatoire beslagen verhinderen geen uitvoerbaarheid bij voorraad.
De Hoge Raad verklaart het arrest uitvoerbaar bij voorraad voor zover het [verweerder] betreft en veroordeelt hem in de kosten van het incident. Hiermee wordt de hoofdelijkheid van de kostenveroordeling bevestigd en de belangenafweging in het voordeel van Riva beslist.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het arrest uitvoerbaar bij voorraad voor de hoofdelijke kostenveroordeling jegens [verweerder].