ECLI:NL:GHDHA:2013:CA2444
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gecorrigeerde vervangingswaarde sportcomplex voor WOZ-aanslag
In deze zaak staat de waardering van een sportcomplex voor de onroerendezaakbelasting (WOZ) centraal. De Inspecteur had de gecorrigeerde vervangingswaarde vastgesteld op € 2.850.000, waarvan een belangrijk deel bestond uit een grondwaarde van € 40 per m². Belanghebbende betwistte deze waarde en stelde een maximale waarde van € 1.570.750 voor, uitgaande van een grondprijs van € 5 per m².
De rechtbank oordeelde dat het complex niet commercieel wordt geëxploiteerd en dat de waarde daarom niet hoger kan zijn dan de benuttingswaarde. Tevens stelde de rechtbank vast dat de Inspecteur onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de grondwaarde van € 40 per m² gebaseerd was op transacties tussen onafhankelijke partijen. De rechtbank verlaagde de waarde naar € 2.000.000 en verklaarde het beroep gegrond.
In hoger beroep bevestigde het Hof het oordeel van de rechtbank. Het Hof benadrukte dat de waarde van de grond moet worden afgeleid van reële marktprijzen, gebaseerd op transacties tussen onafhankelijke partijen. De door de Inspecteur aangevoerde interne gemeentelijke transacties konden dit niet onderbouwen. Ook de door belanghebbende aangevoerde lagere grondprijzen waren onvoldoende onderbouwd. Het Hof stelde daarom de waarde op € 2.000.000 vast en verklaarde de hoger beroepen ongegrond.
Het Hof wees tevens op het exclusieve bestuursorgaan dat verantwoordelijk is voor de WOZ-waardering en dat de gemeenteraad geen bindende regels kan stellen voor de waardebepaling. De uitspraak werd op 13 maart 2013 in het openbaar uitgesproken door de drie rechters van het Hof Den Haag.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de rechtbankuitspraak en stelt de WOZ-waarde van het sportcomplex vast op € 2.000.000.