Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[geïntimeerde sub 2],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak heeft appellant een boerderij met twee woningen gekocht, waarvan één woning werd verhuurd zonder dit aan de verzekeraar te melden. De tussenpersoon gaf onjuiste informatie aan de verzekeraar over het bewoonstatus van de woningen. Na een brand waarbij de boerderij verloren ging, weigerde de verzekeraar uitkering.
Appellant stelde dat de tussenpersoon tekort was geschoten in zijn zorgplicht door onjuiste en onvolledige mededelingen te doen. Het hof onderzocht of deze tekortkomingen schade veroorzaakten. Uit een expertise bleek dat in de woning een professionele hennepkwekerij aanwezig was, die waarschijnlijk de brand veroorzaakte.
Het hof concludeerde dat, ook als de tussenpersoon correct had gehandeld, de verzekeraar op grond van de aanwezigheid van de hennepkwekerij de dekking had kunnen weigeren. Hierdoor was er geen causaal verband tussen de tekortkomingen van de tussenpersoon en de geleden schade. De vorderingen van appellant werden daarom afgewezen en het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd.
Uitkomst: De schending van de mededelingsplicht door de tussenpersoon heeft geen schade veroorzaakt, waardoor de vordering wordt afgewezen.