Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep tegen het besluit van 11 maart 2024 ongegrond.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene ontving aanvankelijk een AOW-pensioen naar de ongehuwdennorm. Na het aangaan van een geregistreerd partnerschap startte de Sociale Verzekeringsbank (Svb) een onderzoek en herzag het pensioen naar de gehuwdennorm, met terugvordering van te veel ontvangen bedragen. Betrokkene maakte bezwaar, dat door de rechtbank werd toegewezen omdat zij oordeelde dat sprake was van duurzaam gescheiden leven.
De Svb ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het toetsingskader van de rechtbank onjuist was toegepast, omdat na het aangaan van het geregistreerd partnerschap artikel 1, derde lid, onder b, van de AOW van toepassing is, waarbij duurzaam gescheiden leven anders wordt beoordeeld dan bij ongehuwden.
De Raad concludeerde dat betrokkene en zijn partner niet ondubbelzinnig een eigen leven leiden alsof zij niet gehuwd zijn, mede vanwege hun regelmatige contact en gezamenlijke activiteiten. De latrelatie en het samen doorbrengen van weekenden, inclusief gezamenlijke maaltijden en overnachtingen, wijzen op het ontbreken van duurzaam gescheiden leven.
Daarom vernietigde de Raad de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het bestreden besluit van de Svb. Het AOW-pensioen blijft derhalve gebaseerd op de gehuwdennorm en de terugvordering van het teveel betaalde bedrag blijft in stand.
Uitkomst: Het AOW-pensioen wordt herzien naar de gehuwdennorm en de terugvordering van te veel betaalde bedragen blijft in stand.