Uitspraak
20 3435 PW
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant diende een aanvraag in voor bijzondere bijstand voor de kosten van griffierecht in een Wob-procedure bij de rechtbank Den Haag. De rechtbank verklaarde het beroep in die Wob-procedure niet-ontvankelijk wegens misbruik van recht. Vervolgens stelde appellant beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag bijzondere bijstand.
De rechtbank verklaarde ook dit beroep niet-ontvankelijk wegens misbruik van procesrecht, omdat appellant de bevoegdheid om een aanvraag bijzondere bijstand in te dienen gebruikte zonder redelijk doel of met een ander doel dan waarvoor deze is gegeven, blijk gevend van kwade trouw. Dit patroon van misbruik werd bevestigd door eerdere uitspraken van de rechtbank en de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het beroep ontvankelijk had moeten worden verklaard omdat er geen besluit was genomen. De Raad oordeelde echter dat het misbruik van recht zwaarder weegt en dat het beroep terecht niet-ontvankelijk is verklaard. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht; de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.