Uitspraak
22 1834 WLZ, 22/1835 WLZ, 22/2823 WLZ, 22/2824 WLZ
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart de beroepen tegen het besluit van 1 juli 2021 en het beroep niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk.
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van het zorgkantoor om het persoonsgebonden budget (pgb) van een budgethouder in te trekken en een bedrag terug te vorderen wegens niet-naleving van verplichtingen. Betrokkene 1 (zorgaanbieder) en betrokkene 2 (bewindvoerder) maakten bezwaar en beroep tegen dit besluit. De rechtbank had hen als belanghebbenden aangemerkt en het besluit vernietigd wegens onvoldoende bewijs van onrechtmatig handelen door de budgethouder.
Het zorgkantoor stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, terwijl betrokkene 1 en 2 incidenteel hoger beroep instelden. De Centrale Raad van Beroep beoordeelde of betrokkene 1 en 2 als belanghebbenden konden worden aangemerkt volgens artikel 1:2 van Pro de Awb. De Raad oordeelde dat hun belangen niet rechtstreeks bij het besluit betrokken zijn, omdat het besluit uitsluitend aan de budgethouder is gericht en financiële gevolgen voor betrokkenen slechts indirect voortvloeien uit civiele verhaalsacties.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde de beroepen van betrokkene 1 en 2 niet-ontvankelijk. De Raad benadrukte dat toekomstige besluiten die rechtstreeks hun belangen raken wel vatbaar zijn voor rechtsmiddelen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen van betrokkene 1 en 2 worden niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van rechtstreeks belang.