Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
van in totaal € 213,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand volgens de WWB over meerdere periodes. Een onderzoek naar vermogen in het buitenland bracht aan het licht dat appellant een appartement in Turkije bezat, wat niet was gemeld. Het college trok de bijstand in en vorderde deze terug over de periodes 2004-2007 en 2008-2014.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt dit deels. De Raad oordeelt dat het bewijs uit het oorspronkelijke onderzoek onrechtmatig verkregen was en daarom niet gebruikt mocht worden voor de periode 10 september 2004 tot 24 juni 2005. Voor de latere periodes is het bewijs van de verkoop en het bezit van het appartement wel rechtsgeldig, waardoor de intrekking en terugvordering terecht zijn.
De Raad beveelt het college een nieuwe berekening te maken voor de terugvordering over de eerste periode en stelt dat tegen het nieuwe besluit beroep bij de Raad kan worden ingesteld. Tevens wordt het college veroordeeld in de kosten van appellant.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden vernietigd voor de periode 10 september 2004 tot 24 juni 2005, maar gehandhaafd voor latere periodes wegens niet gemeld buitenlands vermogen.