Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2018:315

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
31 januari 2018
Publicatiedatum
31 januari 2018
Zaaknummer
14/947 ZW-R
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rectificatie uitspraak kostenvergoeding in sociaal zekerheidszaak

De Centrale Raad van Beroep heeft op 31 januari 2018 een rectificatie uitgesproken van haar eerdere uitspraak van 27 december 2017 in zaaknummer 14/947 ZW. In de oorspronkelijke uitspraak was een onjuist bedrag aan proceskostenvergoeding vermeld.

Na een faxbericht van de gemachtigde van appellante werd vastgesteld dat het totaal aantal punten voor rechtsbijstand niet correct was berekend. De Raad heeft het bedrag gecorrigeerd van € 2.722,50 naar € 3.712,50, gebaseerd op 7,5 punten à € 495 per punt in plaats van 5,5 punten. Daarnaast werd de vergoeding voor reiskosten van appellante gehandhaafd op € 112,97.

Partijen hebben geen bezwaar gemaakt tegen deze rectificatie. De Raad heeft vervolgens de uitspraak aangepast en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) veroordeeld tot vergoeding van de correcte kostenvergoeding aan appellante.

De uitspraak werd gedaan door voorzitter J.S. van der Kolk en leden A.I. van der Kris en F.M.S. Requisizione, in aanwezigheid van griffier R.L. Rijnen.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep rectificeert de uitspraak en veroordeelt het Uwv tot betaling van een hogere proceskostenvergoeding aan appellante.

Uitspraak

14/947 ZW-R
Datum uitspraak: 31 januari 2018
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 27 december 2017, 14/947 ZW
Partijen:
[appellante] te [woonplaats] (appellante)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
de Staat der Nederlanden (Ministerie van Justitie en Veiligheid)
PROCESVERLOOP
Na daar door een fax-bericht van 11 januari 2018 door de gemachtigde van appellante,
mr. V.M.C. Verhaegen, op te zijn gewezen heeft de Raad vastgesteld dat in overweging 6 en in de beslissing van de uitspraak van 27 december 2017, 14/947 ZW, een onjuist bedrag aan proceskosten staat vermeld.
Partijen hebben de Raad meegedeeld geen bezwaren te hebben tegen een rectificatie van de uitspraak.

OVERWEGINGEN

In overweging 6 van de uitspraak stond:
6. Er bestaat aanleiding om het Uwv te veroordelen in de door appellante gemaakte kosten van rechtsbijstand in bezwaar (2 punten), in beroep (2 punten) en in hoger beroep (3,5 punten) met een totaal van 5,5 punt à € 495,- per punt, in totaal € 2.722,50. Voorts bestaat aanleiding voor vergoeding van de reiskosten van appellante voor het bijwonen van de zittingen bij de rechtbank en de Raad ter hoogte van de tarieven van het openbaar vervoer tweede klas, te weten € 112,97.
Deze overweging dient te luiden.
6. Er bestaat aanleiding om het Uwv te veroordelen in de door appellante gemaakte kosten van rechtsbijstand in bezwaar (2 punten), in beroep (2 punten) en in hoger beroep (3,5 punten) met een totaal van 7,5 punt à € 495,- per punt, in totaal € 3.712,50. Voorts bestaat aanleiding voor vergoeding van de reiskosten van appellante voor het bijwonen van de zittingen bij de rechtbank en de Raad ter hoogte van de tarieven van het openbaar vervoer tweede klas, te weten € 112,97.
De zesde bepaling van de beslissing dient te luiden:
- veroordeelt het Uwv in de kosten van appellante tot een bedrag van € 3.825,47;

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep rectificeert de uitspraak 14/947 ZW van 27 december 2017 als in de overwegingen is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door J.S. van der Kolk als voorzitter en A.I. van der Kris en
F.M.S. Requisizione als leden, in tegenwoordigheid van R.L. Rijnen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 31 januari 2018.
(getekend) J.S. van der Kolk
(getekend) R.L. Rijnen

NW