ECLI:NL:CRVB:2018:232
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onterechte toepassing kostendelersnorm bij commerciële huurprijs van medebewoner
Appellant ontving bijstand op grond van de Participatiewet en verhuurde een kamer in zijn woning aan een medebewoner tegen een huurprijs die volgens hem een commerciële prijs was, vastgesteld via een huurprijscheck. Het college paste de kostendelersnorm toe en verlaagde de bijstand, omdat het meende dat er geen sprake was van een commerciële huurprijs.
Appellant stelde dat de huurprijs conform de huurprijscheck een commerciële prijs was en dat de kostendelersnorm daarom niet van toepassing mocht zijn. Het college voerde aan dat een hogere huurprijs dan de maximaal redelijke huurprijs volgens de huurprijsbescherming mogelijk was, en dat de huurprijs dus niet commercieel was.
De Raad oordeelde dat de huurprijs volgens de huurprijscheck de maximaal redelijke huurprijs was en dat het standpunt van het college dat een commerciële huurprijs hoger kon zijn dan deze maximale huurprijs niet aanvaardbaar was. Hierdoor werd het stelsel van huurprijsbescherming niet doorkruist en gold de huurprijs als commercieel.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van appellant gegrond. Het college werd veroordeeld in de proceskosten en moest het griffierecht vergoeden.
Uitkomst: De kostendelersnorm is ten onrechte toegepast; het besluit wordt vernietigd en het beroep gegrond verklaard.