ECLI:NL:CRVB:2017:4419
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- H. Lagas
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens verregaande nalatigheid bij defensiemedewerker
Appellant was sinds 1993 werkzaam bij het Ministerie van Defensie en werd in 2013 geplaatst op een nieuwe functie. Naar aanleiding van vermoedens van frauduleus handelen stelde een commissie een onderzoek in, waaruit bleek dat appellant onder meer misbruik maakte van studieverlof, onterecht dienstreizen declareerde en onwaarheden verklaarde.
De minister besloot appellant in 2015 te ontslaan wegens verregaande nalatigheid. Appellant maakte bezwaar, dat werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat de feiten voldoende waren vastgesteld en dat appellant zich schuldig had gemaakt aan de verwijten. Hoewel appellant psychische problemen en privéomstandigheden aanvoerde, was er geen grond om hem de nalatigheid niet toe te rekenen. Gelet op zijn functie en de ernst en herhaling van het gedrag was het ontslag proportioneel. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag wegens verregaande nalatigheid bevestigd.