ECLI:NL:CRVB:2016:4945
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening ontslagzaak wegens gehoorschade en re-integratie
Verzoeker, sinds 1975 werkzaam als groepsleerkracht bij de stichting, kreeg in 2010 ontslag wegens onbekwaamheid en ongeschiktheid. Na diverse procedures werd het primaire ontslaggrond vernietigd, maar het subsidiaire ontslag gehandhaafd. Verzoeker stelde gehoorschade te hebben opgelopen door een scheidsrechtersfluit tijdens gymlessen, wat door de stichting werd betwist.
De Raad oordeelde in januari 2016 dat verzoeker geen causaal verband aannemelijk had gemaakt tussen werkomstandigheden en gehoorschade, mede omdat medische stukken ontbraken. Ook werd vastgesteld dat de stichting voldoende re-integratie-inspanningen had verricht. Verzoeker vroeg herziening met een brief van zijn psycholoog, maar de Raad stelde dat dit geen nieuw feit of omstandigheid was die tot een andere uitspraak zou leiden.
De Raad benadrukte dat herziening alleen mogelijk is bij nieuwe feiten die redelijkerwijs niet bekend konden zijn en die de uitspraak zouden kunnen wijzigen. Het verzoek om herziening werd daarom afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.