Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
vernietigt de aangevallen uitspraak;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft hoger beroep tegen besluiten van het UWV inzake loonsancties en de daaruit voortvloeiende loonschade. Na eerdere tussenuitspraak werd het UWV opgedragen gebreken in haar besluiten te herstellen. Dit leidde tot aanvullende beslissingen op bezwaar op 7 februari 2013 en 5 september 2014.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV met het besluit van 5 september 2014 de gebreken zoals vastgesteld in eerdere tussenuitspraak had hersteld. Het UWV erkende de onrechtmatigheid van het loonsanctiebesluit van 2 februari 2010 en stelde de loonschade, vermeerderd met werkgeverslasten en vakantiegeld, vast en betaalde deze aan appellante.
Appellante betwistte niet de vaststelling en vergoeding van de loonschade tot juni 2010, maar stelde dat zij ook schadevergoeding moest ontvangen voor loonbetalingen na intrekking van de sanctie en voor gevolgschade wegens extra hulpverlening. De Raad verwierp deze stellingen omdat deze loonbetalingen niet meer het gevolg waren van het onrechtmatige besluit en de gevolgschade niet voldoende was onderbouwd.
De Raad vernietigde eerdere uitspraken en besluiten voor zover niet volledig was beslist op het verzoek om schadevergoeding, maar verklaarde het beroep tegen het besluit van 5 september 2014 ongegrond. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 5 september 2014 wordt ongegrond verklaard omdat het UWV de gebreken heeft hersteld en de loonschade correct heeft vastgesteld en vergoed.