ECLI:NL:CRVB:2015:3558
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering bijstand en toekenning wettelijke rente zonder immateriële schadevergoeding
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Haarlem dat bijstand werd geweigerd op onjuiste feitelijke gronden. De Raad stelde in een tussenuitspraak vast dat de weigering van bijstand onterecht was en dat het college het besluit moest herstellen.
Het college heeft vervolgens een nieuw besluit genomen waarin de bijstand werd toegekend over de periode van 15 april 2013 tot 26 juni 2013. Appellant vorderde daarnaast rente en schadevergoeding wegens de vertraging in de uitbetaling van de bijstand, stellende dat hij hierdoor onder meer uit huis is gezet en emotionele problemen heeft ondervonden.
De Raad oordeelde dat het college gehouden is de wettelijke rente over de na te betalen bijstand te vergoeden, maar dat de immateriële schade onvoldoende was onderbouwd om een vergoeding toe te kennen. De Raad vernietigde het bestreden besluit en wees het verzoek om schadevergoeding toe voor zover het de wettelijke rente betreft. Tevens werd het college veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en wettelijke rente over de na te betalen bijstand toegekend, terwijl immateriële schadevergoeding wordt afgewezen.