Uitspraak
OVERWEGINGEN
.
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving een persoonsgebonden budget (pgb) via het Zorgkantoor, dat onder bewind was gesteld. Het Zorgkantoor trok de verleningsbeschikking voor 2012 in wegens niet-naleving van verantwoordingsverplichtingen en verklaarde het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk vanwege termijnoverschrijding.
Appellant stelde dat het besluit niet aan hem persoonlijk was toegezonden, maar alleen aan zijn bewindvoerder, waardoor de bezwaartermijn niet was gestart. De Raad oordeelde dat toezending aan de bewindvoerder voldoende is voor bekendmaking volgens artikel 3:41 Awb Pro, omdat het besluit betrekking heeft op het onder bewind gestelde pgb.
De Raad verwierp het verweer dat het besluit ook gevolgen had voor het gehele vermogen en dat daarom aan appellant zelf had moeten worden toegezonden. Het bezwaarschrift was derhalve niet tijdig ingediend en het hoger beroep werd afgewezen. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd omdat het bezwaarschrift niet tijdig is ingediend.