ECLI:NL:CRVB:2015:2925
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verstrekking dossierstukken WW-uitkering aan overheidswerkgever en proceskostenvergoeding
Appellante, een overheidswerkgever, verzocht het UWV om het volledige dossier van een voormalige werknemer met betrekking tot diens WW-uitkering. Het UWV verstrekte slechts de besluiten over recht, hoogte en duur van de uitkering en weigerde overige dossierstukken, omdat deze niet noodzakelijk zouden zijn voor de re-integratietaak van appellante.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel met verbeterde gronden. De Raad benadrukt dat alleen besluiten die betrekking hebben op het recht, de hoogte en duur van de uitkering aan appellante bekend moeten worden gemaakt, en dat een volledig dossier alleen verstrekt wordt indien een specifieke noodzaak voor re-integratie is aangetoond.
Daarnaast oordeelt de Raad dat appellante recht heeft op een proceskostenvergoeding omdat zij ondanks haar beroep en hoger beroep niet alle besluiten had ontvangen. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. De uitspraak benadrukt de balans tussen de rechten van de werkgever als belanghebbende en de bescherming van privacy en doelmatigheid van gegevensverstrekking.
Uitkomst: Het UWV hoeft alleen besluiten over recht, hoogte en duur van de WW-uitkering te verstrekken; overige dossierstukken worden geweigerd en het UWV wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.