ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9775
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R.H.M. Roelofs
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Terugvordering onrechtmatig bestede WWB-uitkering bevestigd door Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft een hoger beroep van het college van burgemeester en wethouders van Den Helder tegen een besluit van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tot terugvordering van een WWB-uitkering over het jaar 2008. De staatssecretaris had een bedrag van €3.001.000 teruggevorderd wegens onrechtmatige besteding en onzekerheid over de rechtmatigheid van de bestedingen, gebaseerd op een accountantsverklaring.
De rechtbank had het beroep van het college deels gegrond verklaard en de terugvordering van €1.416.000 voor de ID-banen ingetrokken, maar de terugvordering van €1.585.000 voor re-integratietrajecten gehandhaafd. Zowel de staatssecretaris als het college gingen in hoger beroep tegen delen van deze uitspraak.
De Raad oordeelt dat het college onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake was van tijdige en rechtmatige besteding, mede omdat geen objectieve verifieerbare gegevens zijn overgelegd die jaaroverschrijdende activiteiten aantonen. De terugvordering heeft een reparatoir karakter en is geen strafsanctie, waardoor matiging niet aan de orde is.
Uiteindelijk vernietigt de Raad het deel van de uitspraak dat de terugvordering van €1.416.000 onterecht achtte en verklaart het beroep van het college tegen de terugvordering van €1.585.000 ongegrond. De uitspraak bevestigt daarmee de terugvordering wegens onrechtmatige besteding van WWB-middelen.
Uitkomst: De terugvordering van €1.585.000 wegens onrechtmatige besteding wordt bevestigd en het beroep van het college wordt ongegrond verklaard.