ECLI:NL:CBB:2024:456
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag vaste lasten financiering COVID-19 wegens te late indiening
De onderneming heeft een aanvraag voor subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor Q1 2022 ingediend, maar te laat. De minister wees de aanvraag af omdat deze na de uiterste indieningsdatum van 31 maart 2022 was ontvangen. De onderneming stelde dat de directeur door ziekte niet tijdig kon indienen en dat zij niet geïnformeerd was over de verkorte aanvraagtermijn.
Het College oordeelde dat de minister terecht vasthield aan de aanvraagtermijn, die een dwingende afwijzingsgrond vormt. De ziekte van de directeur was onvoldoende om de termijnoverschrijding te verontschuldigen, mede omdat hij nog lichte werkzaamheden kon verrichten en de onderneming zelf verantwoordelijk was voor tijdige indiening.
De onderneming kon zich niet beroepen op eerdere jurisprudentie omdat de feitelijke omstandigheden anders waren en het toetsingskader verschilde. Het College concludeerde dat het evenredigheidsbeginsel niet werd geschonden en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de subsidieaanvraag blijft afgewezen wegens te late indiening.