ECLI:NL:CBB:2022:439
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen waarschuwing zorgverzekeraars
In deze bestuursrechtelijke zaak hebben vier zorgverzekeraars beroep ingesteld tegen het besluit van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) om hun bezwaar tegen een waarschuwing niet-ontvankelijk te verklaren. De waarschuwing betrof vermeende overtredingen van transparantievoorschriften bij de zorginkoop van geneesmiddelen in 2020.
Het centrale geschilpunt was of de waarschuwing een besluit in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) vormt, waartegen bezwaar en beroep mogelijk is. Het College concludeerde dat de waarschuwing geen besluit is, omdat zij geen publiekrechtelijke rechtshandeling inhoudt die rechtsgevolgen oplegt. De waarschuwing is geen formele aanwijzing en concretiseert geen norm, maar wijst slechts op reeds bestaande verplichtingen.
De appellanten stelden dat de waarschuwing wel een besluit is omdat zij verplichtingen oplegt en een norm concretiseert, en dat het onevenredig bezwarend is om een handhavingsbesluit uit te lokken. Het College verwierp deze stellingen wegens gebrek aan feitelijke onderbouwing en omdat de waarschuwing geen nieuwe verplichtingen bevat.
Daarmee is het bezwaar van appellanten terecht niet-ontvankelijk verklaard en is het beroep ongegrond verklaard. Het College zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de zorgverzekeraars is ongegrond verklaard omdat de waarschuwing geen besluit is en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard.