ECLI:NL:RVS:2019:3984
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- B.J. Schueler
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat schriftelijke waarschuwing geen besluit is in bestuursrechtelijke zin
Heilzaam B.V. ontving van de burgemeester van Rotterdam een schriftelijke waarschuwing vanwege het onrechtmatig laten optreden van een persoon als beheerder van een coffeeshop. De waarschuwing was gebaseerd op het Coffeeshopbeleid en de Horecanota, niet op een wettelijk voorschrift. Heilzaam maakte bezwaar tegen de waarschuwing, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de brief geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) zou zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de waarschuwing geen besluit is omdat deze niet gebaseerd is op een wettelijk voorschrift en geen directe rechtsgevolgen heeft. Heilzaam stelde dat de waarschuwing wel rechtsgevolgen heeft, aangezien bij een volgende overtreding binnen een jaar de exploitatievergunning kan worden ingetrokken, en dat zij daarom tegen de waarschuwing moet kunnen opkomen.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat een waarschuwing in beginsel geen besluit is, tenzij deze op een wettelijk voorschrift is gebaseerd en onderdeel is van een sanctieregime. De Opiumwet kent geen bevoegdheid toe om een waarschuwing op te leggen, en het Coffeeshopbeleid is slechts een beleidsregel. De mogelijke negatieve gevolgen van de waarschuwing zijn beperkt tot één jaar en vormen geen onevenredige belemmering voor rechtsbescherming. Bovendien kunnen de inhoud en feiten van de waarschuwing in een latere procedure tegen intrekking van de vergunning worden aangevoerd.
Daarom bevestigt de Afdeling de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de schriftelijke waarschuwing wordt niet als besluit aangemerkt.