ECLI:NL:CBB:2021:87
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt invordering dwangsom wegens niet-naleving informatieverzoek Wmg
Appellant, een gezondheidszorgpsycholoog en eigenaar van een eenmanspraktijk, werd door de Nederlandse Zorgautoriteit (verweerster) verzocht om informatie te verstrekken voor een kostprijsonderzoek geestelijke gezondheidszorg 2020. Ondanks meerdere aanmaningen en een last onder dwangsom, leverde appellant de gevraagde gegevens niet aan, waarna verweerster de dwangsom van €5.000 invorderde.
Appellant voerde aan dat verweerster niet bevoegd was tot het opleggen van de last onder dwangsom, dat het verzoek tot gegevensverstrekking geen redelijk doel diende, en dat de dwangsom disproportioneel en in strijd met het evenredigheidsbeginsel en gelijkheidsbeginsel was. Tevens stelde hij dat bijzondere omstandigheden in zijn praktijk hem verhinderden te voldoen.
Het College oordeelde dat het besluit tot oplegging van de last onder dwangsom in rechte vaststaat, appellant de overtreding heeft begaan en dat de invordering van de dwangsom gerechtvaardigd is. Het belang van invordering weegt zwaar, ook al is het verstrekken van de gegevens na het verstrijken van de termijn zinloos. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die afzien van invordering rechtvaardigen. De principiële bezwaren van appellant tegen het verstrekken van geanonimiseerde praktijkgegevens zijn onvoldoende onderbouwd.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en de invordering van de dwangsom bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de invordering van de dwangsom van €5.000 bevestigd.