ECLI:NL:CBB:2020:940
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling fosfaatrechtenstelsel en individuele last voor melkveehouder
Appellante, een maatschap die haar bedrijfsvoering heeft omgeschakeld van varkenshouderij naar melkveehouderij, betoogde dat het fosfaatrechtenstelsel onvoldoende grondslag heeft in de Nitraatrichtlijn, dat sprake is van ongeoorloofde staatssteun en dat het stelsel een individuele en buitensporige last voor haar vormt.
Het College overweegt dat het fosfaatrechtenstelsel voldoet aan de eisen van de Nitraatrichtlijn en dat er geen sprake is van ongeoorloofde staatssteun, mede gezien de goedkeuring van de Europese Commissie. Verder is niet gebleken dat appellante een individuele en buitensporige last draagt, aangezien zij zelf de risico’s van haar investeringsbeslissingen draagt en de uitbreiding van haar bedrijf niet als bedrijfseconomisch noodzakelijk is aangemerkt.
Het College benadrukt dat de investeringen en uitbreidingsplannen van appellante, die dateren uit 2014 en eerder, niet navolgbaar zijn in het licht van de afschaffing van het melkquotum en de te verwachten maatregelen. Ook is de situatie van appellante niet vergelijkbaar met eerdere uitspraken waarin uitzonderingen werden gemaakt.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 8 december 2020.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen het bestreden besluit wordt ongegrond verklaard.