ECLI:NL:CBB:2018:172
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Pavićević
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek wijziging Gecombineerde Opgave 2016 en aanvraag extra betaling jonge landbouwers wegens te late indiening
Appellante diende op 13 mei 2016 een Gecombineerde Opgave in waarin zij aangaf geen aanvraag te doen voor de extra betaling jonge landbouwers. Op 27 juli 2016 verzocht zij alsnog om wijziging van deze opgave en om toekenning van de extra betaling, maar dit verzoek werd afgewezen omdat het na de uiterste indieningsdatum van 15 mei 2016 was ingediend.
In bezwaar en beroep stelde appellante dat sprake was van een kennelijke fout en dat zij op grond van het vertrouwensbeginsel mocht vertrouwen op de behandeling van haar aanvraag. Het College oordeelde dat er geen sprake was van een kennelijke fout, omdat de oorspronkelijke opgave duidelijk was en verweerder niet gehouden was rekening te houden met eerdere opgaven. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde, omdat het ging om Unierechtelijk geregelde betalingen waarvoor strikte voorwaarden gelden.
Het College benadrukte dat de termijn voor indiening strikt is en dat overschrijding van meer dan 25 kalenderdagen leidt tot niet-ontvankelijkheid van de aanvraag. Onbekendheid met regels en twijfel over rechtmatigheid van de aanvraag konden appellante niet baten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot wijziging van de Gecombineerde Opgave 2016 en aanvraag extra betaling jonge landbouwers wordt afgewezen wegens te late indiening.