ECLI:NL:CBB:2016:336

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Datum uitspraak
8 november 2016
Publicatiedatum
3 november 2016
Zaaknummer
16/639
Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:1a AwbAlgemene wet bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen last onder dwangsom en openbaarmaking door ACM vernietigd

PostNL stelde hoger beroep in tegen besluiten van de Autoriteit Consument en Markt (ACM) waarin een last onder dwangsom was opgelegd en openbaarmaking van deze besluiten plaatsvond. De last onder dwangsom verplichtte PostNL om haar dienst Partijenpost Gemengd aan te passen zodat poststukken van verschillende afzenders tegen gelijke voorwaarden werden afgehandeld.

De rechtbank Rotterdam had de beroepen van PostNL tegen deze besluiten ongegrond verklaard. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft dit vonnis echter vernietigd en geoordeeld dat de besluiten van ACM onrechtmatig zijn. Hierdoor is ook de openbaarmaking van deze besluiten onrechtmatig verklaard.

Het hoger beroep van PostNL is gegrond verklaard, de besluiten van ACM zijn vernietigd en de uitspraak van de rechtbank Rotterdam die deze besluiten handhaafde, is eveneens vernietigd. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat deze reeds was vergoed in een andere procedure en er geen griffierecht was geheven.

De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 8 november 2016.

Uitkomst: Het College van Beroep vernietigt de besluiten van ACM en de uitspraak van de rechtbank Rotterdam en verklaart het hoger beroep van PostNL gegrond.

Uitspraak

uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 16/639
15100

uitspraak van de meervoudige kamer van 8 november 2016 op het hoger beroep van:

Koninklijke PostNL B.V. (PostNL), appellante

(gemachtigden: mr. P. Glazener, mr. M.J. Geus en mr. D.P. Kuipers),
tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 4 februari 2016, kenmerk ROT 15/6250 en ROT 16/123, in het geding tussen
PostNL
en
de Autoriteit Consument en Markt, (ACM)
(gemachtigden: mr. W.T. Algera en ing. G.C. Boogerd).

Procesverloop in hoger beroep

PostNL heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam, kenmerk ROT 15/6250 en ROT 16/123, van 4 februari 2016 (ECLI:NL:RBROT:2016:823).
ACM heeft op het hoger beroepschrift een reactie ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 5 juli 2016. Partijen zijn verschenen bij hun gemachtigden.

Grondslag van het geschil

1.1
Voor een uitgebreide weergave van het verloop van de procedure, het wettelijk kader en de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden, voor zover niet bestreden, wordt verwezen naar de aangevallen uitspraak. Het College volstaat met het volgende.
1.2
ACM heeft bij besluit van 24 september 2013 een last onder dwangsom opgelegd ter hoogte van € 25.000,- per dag met een maximum van € 2.500.000,-. De last strekt ertoe dat PostNL het aanbod voor de door haar geleverde dienst Partijenpost Gemengd op zodanige wijze moet aanpassen en uitvoeren dat door postvervoerbedrijven aangeleverde verzamelingen poststukken afkomstig van verschillende afzendadressen of waarop verschillende afzendadressen zijn vermeld, door haar tegen dezelfde voorwaarden en tarieven worden afgehandeld als door andere afzenders en door andere postvervoerbedrijven aangeleverde verzamelingen poststukken die afkomstig zijn van eenzelfde afzenderadres of waarop dezelfde afzendadressen zijn vermeld.
1.3
ACM heeft bij besluit van 4 oktober 2013 de begunstigingstermijn verlengd.
1.4
ACM heeft bij besluit van 1 mei 2015 het bezwaar van PostNL tegen de last onder dwangsom ongegrond verklaard. PostNL heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank.
1.5
Bij besluit van 7 november 2013 heeft ACM besloten een geschoonde versie van de last onder dwangsom van 24 september 2013 openbaar te maken. Bij besluit van 23 juli 2015 heeft ACM besloten tot openbaarmaking van een geschoonde versie van het besluit van 1 mei 2015.
1.6
De rechtbank heeft het door PostNL tegen het besluit van 23 juli 2015 ingediende bezwaarschrift als beroepschrift behandeld (ROT 15/6250). Voorts hebben PostNL en ACM ter zitting van de rechtbank ingestemd met een rechtstreeks beroep als bedoeld in artikel 7:1a van de Algemene wet bestuursrecht tegen het besluit van 7 november 2013, waartegen PostNL tijdig bezwaar had gemaakt en dat nadien door de voorzieningenrechter van de rechtbank was geschorst (ROT 16/123).
1.7
De rechtbank heeft de beroepen tegen beide besluiten ongegrond verklaard.

Beoordeling van het geschil in hoger beroep

2.
Het College heeft bij uitspraak van heden (ECLI:NL:CBB:2016:311) op het hoger beroep van PostNL, de uitspraak van 4 februari 2016, kenmerk 15/3081, vernietigd, het inleidende beroep gegrond verklaard, het besluit van 1 mei 2015 vernietigd en de last van 24 september 2013, zoals aangevuld bij besluit van 4 oktober 2013, herroepen.
3. Nu deze besluiten onrechtmatig zijn moet de publicatie daarvan eveneens als onrechtmatig worden beschouwd. Dit betekent dat het hoger beroep gegrond is en ook de uitspraak van 4 februari 2016, kenmerk 15/6250 en 16/123, die betrekking heeft op de openbaarmaking moet worden vernietigd.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding nu deze kosten reeds zijn vergoed bij de procedure onder nummer 16/173. Voorts is in deze zaak, net als bij de rechtbank, geen griffierecht geheven.

Beslissing

Het College:
- vernietigt de aangevallen uitspraak, kenmerk 15/6250 en 16/123;
- verklaart de beroepen van PostNL tegen de besluiten van 23 juli 2015 en 7 november 2013 gegrond en vernietigt deze besluiten.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stam, mr. E.R. Eggeraat en mr. H.O. Kerkmeester, in aanwezigheid van mr. P.M. Beishuizen, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 8 november 2016.
w.g. R.C. Stam w.g. P.M. Beishuizen