ECLI:NL:RVS:2024:4983
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Gundelach
- H. Benek
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontheffing voor werkzaamheden buiten aanvraaggebied Bloemendalerpolder
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland verleende op 31 juli 2019 een ontheffing aan GEM Bloemendalerpolder C.V. voor werkzaamheden op vier locaties binnen het project Bloemendalerpolder, gericht op beschermde diersoorten. De stichting Flora & Fauna bescherming Weesp maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het besluit en de verlenging ervan.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigt deze uitspraak en het besluit op bezwaar voor zover de ontheffing ziet op gronden ten zuiden van de transitiestrook woningbouw en boven de noordelijke grens van de eerdere ontheffing van 1 november 2017. De Afdeling oordeelt dat deze gronden niet in de aanvraag waren opgenomen en dat het college buiten de grondslag van de aanvraag is getreden.
Verder oordeelt de Afdeling dat het college terecht verwees naar de totaalontheffing voor onderbouwing van dwingende redenen van groot openbaar belang en het ontbreken van alternatieven. De compensatieverplichtingen zijn voldoende geborgd, en de vermeende overschrijdingen van de redelijke termijn leiden tot een schadevergoeding van in totaal €1.500, waarvan €1.312,50 voor rekening van de Staat en €187,50 voor het college. Het college wordt tevens veroordeeld tot proceskostenvergoeding en terugbetaling griffierecht.
Uitkomst: De ontheffing wordt vernietigd voor gronden buiten de aanvraag; schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn wordt toegekend.