ECLI:NL:RVS:2024:138
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- B.P. Vermeulen
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit vreemdelingzaken wegens onvoldoende motivering politieke overtuiging
De vreemdeling uit Soedan diende een tweede asielaanvraag in nadat zijn eerste aanvraag was afgewezen. Hij werd pas politiek actief in Nederland na de afwijzing en had geen politieke activiteiten in Soedan. De staatssecretaris betwistte dat zijn activiteiten in Nederland voortkwamen uit een fundamentele politieke overtuiging. De rechtbank stelde zich op het standpunt dat de staatssecretaris dit niet ten onrechte ongeloofwaardig had geacht.
De Raad van State stelde prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie over de uitleg van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder e, van de Kwalificatierichtlijn, met name over de mogelijkheid om vervolgingsgrond politieke overtuiging in te roepen zonder eerdere negatieve belangstelling in het land van herkomst of ontvangst. Na het arrest van het Hof van Justitie oordeelde de Afdeling dat de staatssecretaris onvoldoende inzichtelijk had gemaakt hoe hij het onderzoek en de beoordeling van politieke overtuiging verricht in dergelijke gevallen.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde daarom het besluit van de staatssecretaris en de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten. De eerste en tweede grief van het hoger beroep werden verworpen, maar de derde grief slaagde waardoor het beroep gegrond werd verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris en de uitspraak van de rechtbank zijn vernietigd.