ECLI:NL:RVS:2024:1341
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen terugkeerbesluit vreemdeling uit Oekraïne met tijdelijke bescherming
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 7 februari 2024 een terugkeerbesluit genomen waarbij een vreemdeling werd opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen na 4 maart 2024 te verlaten. De vreemdeling stelde beroep in tegen dit besluit, dat door de rechtbank Den Haag ongegrond werd verklaard. Tegen deze uitspraak is hoger beroep ingesteld bij de Raad van State, waarbij tevens een verzoek om voorlopige voorziening is gedaan om uitzetting te voorkomen en het recht op tijdelijke bescherming te handhaven.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verwijst naar eerdere uitspraken waarin is geoordeeld dat de tijdelijke bescherming van derdelanders uit Oekraïne van rechtswege eindigt op 4 maart 2024, maar erkent dat er in de rechtspraak uiteenlopende interpretaties bestaan over dit moment. De voorzieningenrechter kan in deze voorlopige fase niet zonder nader onderzoek oordelen over de juiste juridische uitkomst.
Daarom wordt bij wijze van ordemaatregel de uitvoering van het terugkeerbesluit geschorst en wordt bepaald dat de vreemdeling voorlopig wordt behandeld alsof het recht op tijdelijke bescherming van toepassing blijft. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: De uitvoering van het terugkeerbesluit wordt geschorst en de vreemdeling wordt voorlopig behandeld alsof het recht op tijdelijke bescherming blijft gelden.