ECLI:NL:RVS:2024:131
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- G.T.J.M. Jurgens
- J.H. van Breda
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak over positieve weigering natuurvergunning vleeskalverenhouderij
Appellante sub 1 heeft een natuurvergunning aangevraagd voor de wijziging van haar vleeskalverenhouderij, waaronder herbouw van een stal en een lichte vermindering van het aantal dieren. Het college van gedeputeerde staten van Gelderland weigerde de vergunning omdat de activiteit niet vergunningplichtig is, gezien het ontbreken van toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante sub 1 niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang en het beroep van Stichting Stikstof Claim wegens het ontbreken van belanghebberschap. Zowel appellante sub 1 als Stichting Stikstof Claim stelden hoger beroep in tegen deze uitspraak, evenals het college.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het hoger beroep van het college niet-ontvankelijk is omdat het college geen procesbelang heeft bij de bestreden overweging. De Afdeling bevestigt dat Stichting Stikstof Claim geen belanghebbende is bij het besluit, omdat het besluit alleen het individuele belang van appellante sub 1 raakt.
De Afdeling vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring van appellante sub 1 en verklaart het beroep ongegrond, omdat de aangevraagde situatie niet leidt tot een toename van stikstofdepositie en dus niet vergunningplichtig is. Het college moet de proceskosten vergoeden en griffierechten worden vastgesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante sub 1 is gegrond verklaard, de niet-ontvankelijkverklaring vernietigd en het beroep ongegrond verklaard; het hoger beroep van het college is niet-ontvankelijk.