ECLI:NL:RVS:2023:4471
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- R. Uylenburg
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering handhaving op evenementenlocatie vanwege onjuiste projectbeoordeling Natura 2000
De zaak betreft een hoger beroep van drie stichtingen tegen het besluit van het college van gedeputeerde staten van Overijssel om geen handhavend op te treden tegen vermeende overtredingen van artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming op een evenementenlocatie te Enschede. De stichtingen betoogden dat de exploitatie van het terrein en de daar georganiseerde evenementen als één project moeten worden beschouwd, zodat een gezamenlijke beoordeling van de gevolgen voor Natura 2000-gebieden noodzakelijk is.
De rechtbank had het besluit van het college bevestigd, stellende dat het terrein en de evenementen afzonderlijke projecten zijn, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt anders. De Afdeling stelt dat gezien het bestendige gebruik en de inrichting van het terrein voor evenementen, de exploitatie en de evenementen samen één project vormen. Omdat het college niet alle gevolgen voor Natura 2000-gebieden in samenhang heeft beoordeeld, is het besluit onjuist.
De Afdeling vernietigt daarom het besluit en de uitspraak van de rechtbank en beveelt het college om opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Verzoeken van de stichtingen om een dwangsom en schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn worden afgewezen. De Afdeling wijst ook op het recht van de stichtingen op vergoeding van griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het college van gedeputeerde staten wordt vernietigd wegens onjuiste beoordeling van het projectbegrip en onvoldoende beoordeling van gevolgen voor Natura 2000-gebieden.