ECLI:NL:RVS:2023:1245
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verzoek wijziging adresgegevens in basisregistratie personen
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht wees een verzoek van een persoon af om zijn adresgegevens in de basisregistratie personen (brp) te wijzigen, met name om een briefadres van de gemeente Utrecht met terugwerkende kracht op te nemen voor de periode van 18 februari 2015 tot 11 januari 2018. De rechtbank had het beroep van de verzoeker gegrond verklaard en het besluit van het college vernietigd.
Het college stelde in hoger beroep dat de rechtbank een onjuiste toetsingsmaatstaf had gehanteerd en dat niet buiten redelijke twijfel vaststond dat de nieuwe adresgegevens juist waren. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de registratie van het adres als 'onbekend' feitelijk onjuist was, omdat verblijf in het buitenland geen vereiste is voor deze registratie volgens artikel 2.22 van de Wet brp.
Verder concludeerde de Raad dat niet is aangetoond dat het briefadres van de gemeente Utrecht in de betreffende periode het juiste adresgegeven is, mede omdat geen aangifte van het briefadres is gedaan en de verzoeker geen bewijsstukken kon overleggen waaruit dit onomstotelijk blijkt. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de verzoeker tegen het besluit van het college tot afwijzing van de wijziging van adresgegevens in de brp wordt ongegrond verklaard.