ECLI:NL:RVS:2021:1615
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- J. Gundelach
- B. Meijer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Haarlemmerweg wegens onzorgvuldige planregel bouwhoogte woonboten
De raad van de gemeente Leiden stelde op 3 december 2019 het bestemmingsplan Haarlemmerweg vast, dat onder meer voorziet in de herinrichting van de Haarlemmerweg en de Haarlemmertrekvaart, inclusief de verplaatsing van woonboten. Appellanten, bewoners van woonboten in het noordelijke deel van het plangebied, stelden beroep in tegen het plan vanwege de beperking van ligplaatsen en de omvang van tuinen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de raad zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat het belang van brandveiligheid en ruimtelijke kwaliteit zwaarder woog dan de gevestigde rechten van de bewoners. De verplaatsing van woonboten wordt ondersteund door flankerende maatregelen en vergoeding van kosten. De Afdeling verwierp bezwaren over het gelijkheidsbeginsel, schaarse rechten en schending van eigendomsrechten onder het EVRM.
Wel stelde de Afdeling vast dat de planregel over de bouwhoogte van woonboten onzorgvuldig was geformuleerd doordat werd gemeten vanaf het gemiddelde waterpeil in plaats van het waterpeil ter plaatse. Daarom vernietigde zij dit onderdeel van het bestemmingsplan en stelde zij een nieuwe, zorgvuldige planregel vast. Tevens werd de raad opgedragen deze wijziging binnen vier weken te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan. De raad werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellanten.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt vernietigd voor de planregel over bouwhoogte van woonboten en deze wordt vervangen door een zorgvuldige regeling.