ECLI:NL:RVS:2020:1007
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor strijdig gebruik perceel ondanks verkeersveiligheidszorgen
Het college van burgemeester en wethouders van Hilvarenbeek verleende een omgevingsvergunning voor het tijdelijk uitoefenen van bedrijfsactiviteiten op een perceel met woonbestemming. Appellanten, eigenaren en bewoners van nabijgelegen percelen, maakten bezwaar vanwege verkeershinder en onveiligheid door toegenomen verkeer en laden en lossen van houtproducten.
De rechtbank verklaarde het bezwaar deels gegrond en stelde voorwaarden aan de vergunning. Appellanten gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat appellanten belanghebbenden zijn en dat het relativiteitsvereiste niet aan de inhoudelijke beoordeling in de weg staat.
De Raad stelde vast dat de vergunning voor tien jaar terecht is verleend omdat de activiteiten zonder onomkeerbare gevolgen kunnen worden beëindigd. De bezwaren over onzorgvuldige voorbereiding en verkeersveiligheid faalden, mede omdat de verkeersbewegingen beperkt zijn en voldoende ruimte voor verkeer blijft bestaan. Ook het gelijkheidsbeginsel en uitvoerbaarheid van voorwaarden werden verworpen.
De belangenafweging door het college werd als redelijk beoordeeld. De Raad van State bevestigt daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vergunning en wijst het hoger beroep van de omwonenden af.