Uitspraak
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder
Football Club Utrecht B.V., gevestigd in Utrecht,
Rechtbank Midden-Nederland
FC Utrecht wil een tijdelijk trainingscomplex bouwen op sportpark Overvecht-Noord in Utrecht vanwege capaciteitsproblemen op hun huidige locatie. De gemeente verleende hiervoor een omgevingsvergunning voor tien jaar, inclusief het kappen van een boom. Amateurclub EDO, die al jaren gebruikmaakt van het sportpark, maakte bezwaar uit vrees voor minder speelruimte en parkeerproblemen.
De voorzieningenrechter beoordeelde de belangenafweging en concludeerde dat de belangen van FC Utrecht zwaarder wegen dan die van EDO, mede omdat EDO zich flexibeler moet opstellen bij het delen van gemeentelijke sportvelden. De vergunningen mogen voorlopig niet worden geschorst, maar FC Utrecht bouwt op eigen risico, omdat de bezwaarprocedure nog loopt en de rechtbank later tot een andere uitspraak kan komen.
De rechter stelde vast dat de gemeente de parkeerproblematiek nog beter moet onderbouwen en dat er een voorschrift moet komen dat FC Utrecht de parkeerplaatsen daadwerkelijk aanlegt. Ook werd bevestigd dat het tijdelijke karakter van de vergunning gerechtvaardigd is en dat het college bevoegd is om van het bestemmingsplan af te wijken. De bezwaren over ecologisch onderzoek en bereikbaarheid hulpdiensten werden niet gegrond verklaard.
De voorzieningenrechter wees het verzoek van EDO om de bouw stil te leggen af, waardoor FC Utrecht kan starten met de bouw en het kappen van de boom. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is definitief en niet vatbaar voor beroep.
Uitkomst: FC Utrecht mag op eigen risico starten met de bouw van het tijdelijk trainingscomplex en het kappen van de boom, ondanks bezwaar van EDO.