ECLI:NL:RVS:2017:3100
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- H.C.P. Venema
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit ongeldigverklaring rijbewijs wegens onvoldoende onderbouwing alcoholmisbruik
Op 8 april 2016 verklaarde het CBR het rijbewijs van appellant ongeldig vanwege een vermoeden van alcoholmisbruik na een aanhouding met een ademalcoholgehalte van 785 µg/l. Een psychiatrisch onderzoek stelde een diagnose van alcoholmisbruik in ruime zin, gebaseerd op een verhoogde tolerantie en binge-drinking patroon.
Appellant voerde aan dat deze diagnose onvoldoende was onderbouwd en bracht een tegenrapport in van andere deskundigen die stelden dat de diagnose niet voldeed aan de geldende DSM-IV-TR criteria en onvoldoende feitelijke steun had. De rechtbank oordeelde dat het CBR zich op het rapport mocht baseren, maar de Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde dit oordeel.
De Afdeling stelde dat het rapport van de keurend arts onvoldoende inzicht gaf in de feiten en omstandigheden die de diagnose alcoholmisbruik ondersteunen, met name het ontbreken van bewijs voor verhoogde tolerantie en onderrapportage van alcoholgebruik. Hierdoor was het besluit van het CBR ondeugdelijk gemotiveerd.
Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het CBR vernietigd, en het CBR werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het CBR veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het CBR tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt vernietigd wegens ondeugdelijke motivering.