ECLI:NL:RVS:2016:2681
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- N. Verheij
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Vervallenverklaring tenaamstelling voertuig met terugwerkende kracht tot datum sloop
De zaak betreft het verzoek van appellant om de tenaamstelling van haar voertuig met terugwerkende kracht te laten vervallen vanaf 14 oktober 2003, de datum waarop zij het voertuig uitvoerde naar Oostenrijk. De RDW weigerde terugwerkende kracht te verlenen, waardoor appellant jarenlang aansprakelijk bleef voor boetes en zelfs tien dagen gegijzeld werd wegens niet-betaling.
De rechtbank oordeelde dat het beleid van de RDW om geen terugwerkende kracht te verlenen redelijk was, maar dat in dit geval de appellant onevenredig werd benadeeld en bepaalde dat de tenaamstelling per 14 oktober 2003 vervallen moest worden verklaard. De RDW stelde hoger beroep in, appellant incidenteel hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de RDW terecht geen terugwerkende kracht verleende tot de datum van het verzoek in 2014, maar dat het beleid onredelijk was voor de periode na de sloop van het voertuig op 17 november 2006. Vanaf die datum had appellant geen binding meer met het voertuig. Daarom wordt het besluit vernietigd en wordt de tenaamstelling vervallen verklaard met ingang van 17 november 2006. Tevens wordt de RDW veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De tenaamstelling van het voertuig vervalt met terugwerkende kracht tot 17 november 2006, de datum van sloop.