ECLI:NL:RVS:2016:2017
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Helder
- J. Kramer
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning voor uitbreiding varkenshouderij wegens onjuiste stikstofdepositie beoordeling
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant verleende op 6 mei 2015 een vergunning voor de uitbreiding, wijziging en exploitatie van een varkenshouderij op twee locaties in Hulsel en Bladel. De stichting Groen Kempenland stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat de vergunning onrechtmatig was vanwege onvoldoende beoordeling van stikstofdepositie en negatieve effecten op Natura 2000-gebieden.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de stichting als belanghebbende kon worden aangemerkt vanwege haar feitelijke werkzaamheden en doelstellingen gericht op natuurbehoud. De stichting voerde aan dat het college ten onrechte de twee locaties als één project had beoordeeld en dat de stikstofdepositie onjuist was berekend, wat leidde tot onderschatting van de effecten op het Natura 2000-gebied "Kempenland-West".
Verder stelde de stichting dat het college onvoldoende had onderzocht of de activiteiten nadelige gevolgen hadden voor het Natura 2000-gebied "Kampina en Oisterwijkse Vennen", met name voor de vogelsoorten dodaars en roodborsttapuit, en dat de betrokken beheermaatregelen niet voldoende waren gegarandeerd.
De Afdeling concludeerde dat het college de effecten van de twee locaties afzonderlijk had moeten beoordelen en dat de stikstofdepositie niet adequaat was berekend. Ook was onvoldoende inzicht gegeven in de effecten op de vogelsoorten en de effectiviteit van beheermaatregelen. Daarom werd het besluit vernietigd en het college opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes maanden.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens onvoldoende beoordeling van stikstofdepositie en effecten op Natura 2000-gebieden.