ECLI:NL:RVS:2014:4676
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.J. van Ettekoven
- E. Helder
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke uitspraak over toegangsbescherming Natura 2000 Noordzeekustzone en Vlakte van de Raan
De zaak betreft het besluit van de staatssecretaris van Economische Zaken om beperkingen te stellen aan de toegang tot de Natura 2000-gebieden Noordzeekustzone en de Vlakte van de Raan op grond van artikel 20 van Pro de Natuurbeschermingswet 1998. Diverse vissersverenigingen en individuele vissers (garnalenvissers) hebben bezwaar gemaakt tegen dit besluit en beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling beoordeelt onder meer of de vissers als gebruikers van het Natura 2000-gebied kunnen worden aangemerkt en of de staatssecretaris voldoende heeft gemotiveerd dat de beperkingen noodzakelijk zijn voor de bescherming van natuurwaarden. De Afdeling oordeelt dat de vissers geen gebruikers zijn in de zin van de Nbw 1998, omdat zij slechts publiekrechtelijke visvergunningen bezitten en geen privaatrechtelijke gebruiksrechten van de bodem. Verder is geoordeeld dat de staatssecretaris beoordelingsvrijheid heeft bij het vaststellen van de noodzaak van de beperkingen en dat het voorzorgsbeginsel hierbij een rol speelt.
De Afdeling vindt dat de staatssecretaris de noodzaak van de beperkingen voor bodemberoerende visserij in het algemeen voldoende heeft onderbouwd met rapporten van IMARES en Arcadis, maar dat voor de garnalenvisserij en specifieke visserijtechnieken onvoldoende inzicht is gegeven in de noodzaak van beperkingen. Ook is de motivering omtrent de bescherming van vogelsoorten en de afweging met alternatieve maatregelen onvoldoende. Daarnaast is de definitie van 'best beschikbare technieken en visserijpraktijk' in het besluit onduidelijk en daardoor in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel. De Afdeling draagt de staatssecretaris op binnen 12 weken het besluit te herstellen door de motivering aan te vullen en de rechtszekerheid te waarborgen. Het beroep van twee vissersverenigingen wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt opgedragen het besluit binnen 12 weken te herstellen door motivering aan te vullen en rechtszekerheid te waarborgen.